In 2019 af van uw overgewicht? De gratis leefstijlcoach helpt u op weg

Op kosten van de zorgverzekeraar en met subsidie van het Rijk serieus het gevecht aangaan met uw overgewicht: vanaf 1 januari kan het. Duur van het programma: 2 jaar. De leefstijlcoach helpt u erdoorheen.

Toch nog even over die rollade met cranberryjus, die huisgemaakte tiramisu, die flessen wijn en de drie glazen cognac van dat kerstdiner. De ­kilo’s die u daarmee bent aangekomen, dat is nou typisch een geval van eigen schuld. Maar die zijn er gemakkelijk weer af te krijgen, met een paar kilometer hardlopen en het afslaan van de oliebollen.

Nee dan structureel overgewicht, zegt leefstijlcoach Carolien Linnemann. Dat afdoen als ‘eigen schuld’ is vaak te simpel. Want dat wordt niet veroorzaakt door een copieuze kerstmaaltijd, maar door een veelvoud aan factoren, ‘die je lang niet allemaal zelf in de hand hoeft te hebben’. Stress, slecht slapen, aanleg, opvoeding, psyche, weinig groen in de omgeving, de gewenning van veel en slecht eten in het gezin: ze hebben allemaal invloed op hoe makkelijk de kilo’s eraan komen. En hoe moeilijk ze er weer af gaan.

Het is voor die mensen dat op 1 januari preventie met voorzichtige stappen z’n intrede doet in het basispakket van de zorgverzekering: in de vorm van de Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI). Zo’n interventie is een programma van ongeveer twintig (groeps)bijeenkomsten over een periode van twee jaar. Het moet een duurzame gedragsverandering op het gebied van eten en bewegen teweegbrengen. De huisarts kan volwassenen met een bmi tussen 25 en 30 mét een verhoogd risico op hart- en vaatziekten, en alle personen met een bmi van boven de 30 doorverwijzen naar een erkend GLI-programma, mits zij gemotiveerd zijn iets aan hun leven te veranderen.

2019 januari

Wat staat er het komend jaar allemaal te gebeuren en wat gaat er veranderen? In deze serie blikken we vooruit. Dit is Aflevering 1.

Voorwaarden

Het ministerie legt 6,5 miljoen euro op tafel om de Gecombineerde Leefstijlinterventie in 2019 van de grond te krijgen. Van dat geld kunnen zo’n 8.000 personen een programma volgen – van de vijf miljoen die volgens de Nederlandse Zorgautoriteit in theorie aan de voorwaarden voor GLI voldoen.

Voor de patiënt kost het programma niets: geen eigen risico, geen eigen bijdrage. ‘Daar hebben we hard voor gevochten’, vertelt Monique Hampsink, die het GLI-programma Beweegkuur heeft opgezet, een van de drie goedgekeurde interventies die vanaf januari door de zorgverzekeraars worden vergoed. ‘Het programma moet juist voor de lagere ­sociaal-economische klasse bereikbaar zijn. Mensen met een hoog inkomen die echt willen afvallen, hebben allang een personal trainer in de arm genomen.’ In haar Beweegkuur krijgen deelnemers begeleiding van een leefstijlcoach, een diëtist en een beweegcoach. Zij helpen mensen de kleine stappen te nemen die samen kunnen leiden tot gewichtsverlies, tot een actiever bestaan en betere slaap.

Buikomtrek

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft de Beweegkuur onderzocht en kwam tot de conclusie dat 82 procent van de deelnemers ook na afloop van de kuur blijft bewegen, dat ze meer fruit en minder snacks eten, hun buikomtrek afneemt en de bloedspiegels verbeteren. Kortom, deelnemers zijn gezonder.

Dat is de reden waarom het Zorg­instituut al in 2009 aanraadde leefstijlinterventie in het basispakket op te nemen. Maar vorige kabinetten wilden er niet aan: de eigen verantwoordelijkheid voor de gezondheid gold als een groter goed dan de preventie met behulp van een coach. Dit kabinet ziet preventie juist als een belangrijk instrument om de gezondheid te kunnen verbeteren en zo ook de stijgende zorgkosten te kunnen afremmen.

Met haar praktijk de Waagcoach richt Linnemann zich nu nog vooral op mannen wiens leven niet is wat ze ervan hadden verwacht en die met hun neus op de feiten gedrukt willen worden (‘met een kabbelend beekje op de achtergrond zachtaardig kletsen, dat is niets voor mij’), maar nu heeft ze zich ook laten registreren als ‘Cool’-coach, een tweede GLI-programma.

Het mooie van coach zijn, zegt ze, is dat je op zoek gaat naar de ambities van mensen, ‘naar de reden waarom ze elke dag weer uit bed stappen’, naar de dromen die ze vroeger hadden en waarvan ze nu denken dat ze niet meer waar te maken zijn. ‘Als je echt verder gaat kijken, stuit je vaak op belemmerende gedachten en overtuigingen. Mensen hebben vaak diëten geprobeerd. En die zijn nooit gelukt, dus die zullen nu ook wel niet lukken. Of ze zijn ervan overtuigd dat ze hun leven lang slecht blijven slapen.’

Het is haar taak, vindt Linnemann, om hun weerbaarheid te vergroten, hun eigen ambities weer voorop te stellen en ze handvatten te bieden in de strijd tegen de kilo’s en de marketing van de voedselindustrie. Niet door een crash-­dieet, maar door op supermarktsafari te gaan bijvoorbeeld, door etiketten te leren lezen, door uit te leggen dat er echt verschil zit tussen gekookte aardappel en een chipje.

En niet zozeer door iets te verbieden (‘ik zal nooit zeggen dat je nooit meer iets mag eten’), maar personen bewuster te laten eten: ‘Het maakt echt geen reet uit of je een reep melkchocolade of een reep pure chocolade eet, dus áls je chocola eet, kies dan alsjeblieft de reep waar je echt van geniet.’


Dit artikel verscheen eerder op volkskrant.nl